Rolvastheid en mijn zangtalent

Het antwoord is rolvastheid. Om tot succesvolle ICT-oplossingen te komen is het belangrijk vraag en aanbod goed te onderscheiden. De business heeft de verantwoordelijkheid voor de vraagformulering en de bedrijfsdoelstellingen. De ICT-afdeling of het project moet de passende oplossing leveren (het aanbod). Daarvoor organiseren we ons met behulp functies en rollen. Sommige focussen zich meer op de vraagkant, andere op de aanbod kant.

In de praktijk zie ik rollen vaak door elkaar heen lopen. Mensen gaan deelrollen erbij nemen die eigenlijk bij een ander horen. Rolfluïditeit heet dat in jargon; het omgekeerde van rolvastheid. Vaak zijn de bedoelingen goed: mensen willen samenwerken om tot resultaten te komen. Laten we vooral niet star doen over onze rollen. Het werk moet toch gebeuren. We moeten het samen doen. Toch?

Terug naar mijn muziekspektakels. Ook daar hebben we rollen. Zo heb je een dirigent en een regisseur. De dirigent gaat over de muziek, het orkest, het koor. De regisseur gaat over het toneelspel: wie moet wanneer het podium op, wat doet die op het podium, wat zegt hij, etc.

Vorig jaar zat de regisseur niet lekker in zijn rol.  Het was de integrale repetitie (orkest, koor en acteurs samen). Noodgedwongen was het toneelgedeelte op dat moment nog maar beperkt geoefend. Coronabeperkingen, je kent het wel. Het finale toneelspel en zelfs de slotakte ontstonden als het ware gaandeweg als onderdeel van wat een ‘integratietest’ had moeten zijn. Daar sta je dan als koorlid. Wachten tot op de set de zoveelste discussie uitgevochten werd. Eerst met de speler in kwestie. Toen kwam de hoofdactrice erbij. En tot slot roerde ook de dirigent zich over de slotakte en teksten. We kwamen amper aan zingen toe. En de schrijver van het toneelstuk? Die was er niet.

De voorbereiding dit jaar verliep anders. De regisseur had zelf alle teksten en liederen geschreven. Hij had de voorstelling als het ware al helemaal in zijn hoofd. Hij kon direct toetsen als wij als koor/figuranten iets ten tonele brachten. En gericht bijsturen. Uiteraard waren er ook nu suggesties, maar geen enkele solist of koorlid of dirigent ging in discussie. Efficiënt zongen, declameerden, dansten en speelden we ons door de repetities. De regisseur had zijn rol stevig vast. En de anderen bleven eraf.

Bepaalde verantwoordelijkheden horen echt bij één rol.

Rolvastheid heeft tot voordeel dat een creatieproces sneller en effectiever gaat. Ik heb veel liever bij mijn volgende volksopera of muziektheater weer een regisseur die de rol van tekstschrijver heeft (of opeist), dan dat hij, de cast en de dirigent dit ‘samen´ gaan doen. Deze deelrollen horen gewoon in één hand. Die moet je niet verdelen. Ook niet om elkaar ‘te helpen’.

Bij ICT geldt hetzelfde. Het onderscheid tussen vraag-rollen en aanbod-rollen is voor mij een harde. Alleen de vraagkant weet waar hij/zij het meeste last van heeft. Alleen de vraagkant kan dus de behoefte goed formuleren en de prioritering doen. De aanbodkant kan ideeën en mogelijke oplossingen aandragen, maar het is en blijft de vraagkant die de beslissingen moet nemen.

Hoe verleidelijk het soms ook is om buiten de grenzen van je rol te gaan: rolvastheid is een belangrijk concept. Want als een rol aan de vraagkant te veel werk van de aanbod kant gaat doen, sneeuwt de vraagkant onder. Dan wordt de vraagformulering net niet goed genoeg gedaan. Dan wordt de bijdrage aan bedrijfsdoelstellingen net niet voldoende helder uitgewerkt. En sluit de oplossing uiteindelijk toch weer niet goed aan bij de vraag/problemen in de praktijk.